Onderzoek

Met diagnostisch onderzoek kunnen wij in kaart brengen waarom uw kind problemen ondervindt en passende hulp adviseren. Zo'n onderzoek bestaat uit een analyse van het rekenen en van cognitieve vaardigheden die een rol spelen bij het rekenen. Doorgaans neemt het onderzoek twee dagdelen in beslag.

De resultaten worden gepresenteerd in een uitgebreid onderzoeksrapport en toegelicht in een persoonlijk gesprek met de onderzoeker. Indien de diagnose 'dyscalculie' gesteld wordt, kan ook een 'dyscalculieverklaring' worden afgegeven.

De tarieven voor diagnostisch onderzoek vindt u opĀ onze tarievenpagina.

De diagnose

Vanuit de overheid is er geen claim gelegd op een specifiek dyscalculieprotocol, zoals dat bij dyslexie wel het geval is waarbij de criteria van SDN en PDD&B 2.0 leidend zijn. Dit geeft het IWAL enige ruimte om zelf een keuze te maken in verantwoorde diagnostiek en het stellen van de diagnose 'dyscalculie'. Voor het stellen van de diagnose 'dyscalculie' gaat het IWAL uit van de landelijk geaccepteerde definitie opgesteld door Ruijssenaars, van Luit & van Lieshout (2006). In deze definitie staan de 'ernst' en de 'hardnekkigheid' van de rekenproblemen centraal. Het IWAL is op sommige punten scherper. Zo richten wij ons niet alleen op het vaststellen van de rekenproblemen, maar ook op het vinden van verklarende factoren.

Het voortraject / de aanmelding

Uit de aanmelding / LVS / handelingsplannen moet het volgende blijken:
-er is een voormeting is geweest, waaruit blijkt dat het rekenen ten minste onvoldoende is (D/E scores)
-na de voormeting is ten minste 5 maanden gerichte en structurele rekenbegeleiding geboden (een uur per week door een professional)
-uit de nameting blijkt dat er, ondanks gerichte hulp, nog altijd een rekenachterstand is (D/E scores).

Onze werkwijze verschilt op enkele punten van het Protocol ERWD en Dyscalculie dat vaak door scholen wordt gebruikt. Bij dit protocol ligt de nadruk op het voortraject dat de scholen moeten afleggen, voordat mag worden doorverwezen voor dyscalculie. Het Protocol ERWD en Dyscalculie stelt tevens dat er pas in groep 6 een diagnose dyscalculie gesteld kan worden (eind groep 5 mag slechts een indicatie worden afgegeven). Dit is geen wetmatigheid. Het IWAL stelt geen eisen aan de groep waarin de leerling moet zitten, wij houden ons vast aan inhoudelijke argumentatie in lijn met eerdergenoemde definitie.